Je hebt Javascript nodig om deze website te kunnen gebruiken. Pas je browserinstellingen in om verder te gaan!

Hoe zit het vmbo in elkaar?

Ben jij je aan het oriënteren op een baan als leraar in het voortgezet onderwijs en ben je benieuwd hoe het voorbereidend middelbaar beroepsonderwijs (vmbo) in elkaar zit? In dit artikel vertellen we je over de leerwegen, schoolvakken, beroepsprofielen en meer!

Wat is het vmbo? 

Het vmbo valt onder het Ga naar artikel: het onderwijs dat in Nederland wordt verzorgd op middelbare scholen. Het voortgezet onderwijs bestaat uit vier niveaus: praktijkonderwijs, vmbo, havo en vwo.  

De afkorting vmbo staat voor voorbereidend middelbaar beroepsonderwijs. Het is een vierjarige opleiding die leerlingen voorbereidt op het middelbaar beroepsonderwijs (mbo). Ook is het mogelijk om vanuit het vmbo door te stromen naar de havo.  

Welke leerwegen zijn er in het vmbo? 

Aan het eind van groep 8 ontvangen leerlingen een scholingsadvies voor de middelbare school. Voor het vmbo wordt op dat moment ook een indicatie gegeven voor een van de vier leerwegen binnen het vmbo. De leerweg waarin een leerling uiteindelijk terecht komt, staat op dat moment echter nog niet vast. Pas aan het einde van het tweede leerjaar van het vmbo wordt er besloten in welke leerweg de vmbo-leerling het beste tot diens recht komt.  

Het vmbo is dus opgedeeld in vier leerwegen. De leerwegen verschillen op twee punten van elkaar: het niveau van de lesstof en de verhouding tussen praktijk- en theorievakken. Hieronder vind je de vier leerwegen onder elkaar. 

  • Basisberoepsgerichte leerweg (vmbo-bb of vmbo-basis)    Deze leerweg bereidt leerlingen voor op de basisberoepsopleidingen (niveau 2) van het mbo. 

  • Kaderberoepsgerichte leerweg (vmbo-kb of vmbo-kader)   Deze leerweg bereidt leerlingen voor op de vak- en middenkaderopleidingen (niveau 3 en 4) van het mbo. 

  • Gemengde leerweg (vmbo-g of vmbo-gl)  Deze leerweg is wat niveau betreft gelijk aan vmbo-tl en bereidt leerlingen voor op de vak- en middenkaderopleidingen op niveau 3 of 4 van het mbo. Met een diploma van de gemengde leerweg kunnen leerlingen ook naar de havo. 

  • Theoretische leerweg (vmbo-t of vmbo-tl)  Deze leerweg bereidt leerlingen voor op de vak- en middenkaderopleidingen op niveau 3 of 4 van het mbo en met een diploma van de theoretische leerweg kunnen leerlingen ook naar de havo.  

Het verschil tussen de gemengde en theoretische leerweg zit in het examen: leerlingen in de gemengde leerweg doen examen in vijf algemeen vormende vakken (avo-vakken) en een beroepsgericht programma. Leerlingen in de theoretische leerweg doen examen in (minimaal) zes avo-vakken.  

Vanaf schooljaar 2024-2025 mogen scholen één of meerdere praktijkgerichte programma’s aanbieden in vmbo-gl en vmbo-tl. Meer informatie over praktijkgerichte programma’s kun je hier vinden.  

De afkorting lwoo staat voor leerwegondersteunend onderwijs. Lwoo is geen type voortgezet onderwijs, het is (tijdelijk) aanvullend onderwijs en begeleiding aan vmbo-leerlingen van de basis- en soms van de kaderberoepsgerichte leerweg. Lwoo biedt leerlingen met een leerachterstand extra ondersteuning. In het lwoo volgen leerlingen wel hetzelfde programma als de andere leerlingen. De lesstof is dus niet anders.  

Wanneer een leerling niet naar het vmbo (met lwoo) kan vanwege een beperking, kan een leerling onder bepaalde voorwaarden naar het (voortgezet) Ga naar artikel of het Ga naar artikel

Welke schoolvakken zijn er in het vmbo? 

ONDERBOUW 

In de onderbouw van het vmbo (leerjaar 1 en 2) volgen alle leerlingen hetzelfde onderwijsprogramma, dat op de verschillende niveaus wordt aangeboden. Het onderwijsprogramma bestaat uit de volgende vakken of leergebieden: 

Vmbo-leergebieden in leerjaar 1 en 2  

 

Nederlands 

Rekenen en wiskunde 

Kunst en cultuur 

Engels 

Mens en natuur 

Bewegen en sport 

Een extra vreemde taal 

Mens en maatschappij 

Fries (in Friesland) 

Deze leergebieden besteden ook aandacht aan onderdelen van: 

  • aardrijkskunde 

  • beeldende vorming, muziek, drama en dans (ckv) 

  • biologie 

  • economie 

  • geschiedenis en staatsinrichting   

  • informatiekunde of informatica 

  • natuur- en scheikunde (NASK) 

  • techniek 

  • verzorging 

Bron: Rijksoverheid  

BOVENBOUW 

Vanaf het derde jaar volgen leerlingen vakken op basis van het profiel dat ze hebben gekozen. Leerlingen uit vmbo-bb, vmbo-kb en vmbo-gl kunnen kiezen uit tien profielen en leerlingen uit vmbo-tl kiezen uit vier profielen. Het aanbod van vakken verschilt per profiel, maar ieder profiel bestaat altijd uit drie delen (A, B en C): 

  1. Het gemeenschappelijke deel   Dit gedeelte is bij ieder profiel opgebouwd uit vijf vakken:  

  • Nederlands 

  • Engels 

  • maatschappijleer 1 

  • één kunstvak (beeldende vorming, muziek, dans of drama) 

  • lichamelijke opvoeding.  

  1. Het profieldeel   Dit gedeelte wordt gevormd door algemeen vormende vakken (avo-vakken) en het profielvak dat correspondeert met het beroepsprofiel. Dit profielvak is altijd een combinatie van theorie en praktijk.  

Naast de vakken uit het gemeenschappelijke deel (A) volgt de leerling in het profieldeel (B) twee avo-vakken die samenhangen met het profiel. Bijvoorbeeld: bij een techniekprofiel zijn dat de vakken wiskunde en natuur-/scheikunde. Bij Economie & Ondernemen (E&O) zijn dat de vakken economie en wiskunde of een extra tweede taal, zoals Frans of Duits.  

  1. Het vrije deel wordt per leerweg verschillend ingevuld:  

  • Leerlingen in het vmbo-bb en vmbo-kb kunnen kiezen uit vier beroepsgerichte keuzevakken.  

  • Leerlingen in het vmbo-gl kiezen één avo-vak en twee beroepsgerichte keuzevakken.  

  • Leerlingen in het vmbo-tl kiezen twee avo-vakken. 

Met de beroepsgerichte keuzevakken kunnen leerlingen zich verdiepen in één thema dat aansluit bij hun profielvak, maar ze kunnen ook kennismaken met vakken die bij een ander profiel horen. Zo kan een vmbo-leerling met het beroepsprofiel Bouwen, Wonen & Interieur (BWI) kiezen voor het keuzevak metselen, maar ook voor meubel maken of interieurdesign. Een vmbo-school bepaalt zelf welke selectie van keuzevakken er wordt aangeboden.   

Welke beroepsprofielen zijn er in het vmbo? 

Leerlingen op het vmbo-bb, vmbo-kb en vmbo-gl kunnen kiezen uit de volgende tien profielen. Het is hierbij belangrijk om te weten dat niet alle vmbo-bb/kb/gl-scholen alle profielen aanbieden.   

Beroepsprofiel vmbo bb/kb/gl 

Afkorting 

Dit profiel richt zich op… 

Verplichte avo-vakken 

Bouwen, wonen en interieur 

BWI 

alle facetten van het bouwproces: van ontwerp tot product 

wiskunde en natuur-/scheikunde (NASK) 

Economie en ondernemen 

E&O 

ondernemen, klantcontact en administratie 

economie en een moderne vreemde taal of wiskunde 

Dienstverlening en producten 

D&P 

een brede oriëntatie op de wereld van arbeid en beroep. D&P is niet aan één sector of werkveld gebonden. 

twee vakken uit wiskunde, natuur-/scheikunde (NASK), biologie en economie  

Groen   

Groen 

alles wat te maken heeft met planten, dieren, voeding en milieu 

wiskunde en biologie of natuur-/scheikunde (NASK)  

Horeca, bakkerij en recreatie 

HBR 

koken, voeding, gastvrijheid, horeca en toerisme 

economie en een moderne vreemde taal of wiskunde 

Maritiem en techniek 

MAT 

alles wat met scheepvaart te maken heeft: van techniek tot materieel 

wiskunde en natuur-/scheikunde (NASK) 

Media, vormgeving en ICT 

MVI 

communicatie, designs en verpakkingen 

wiskunde en natuur-/scheikunde (NASK)  

Mobiliteit en transport 

M&T 

alles wat met vervoer te maken heeft: van motors repareren tot lampen afstellen 

wiskunde en natuur-/scheikunde (NASK)  

Produceren, installeren en energie 

PIE 

een combinatie van installatie-, elektro- en metaaltechniek 

wiskunde en natuur-/scheikunde (NASK)  

Zorg en welzijn 

Z&W 

de zorgsector, cosmetica en facilitaire dienstverlening 

biologie en wiskunde of aardrijkskunde of geschiedenis of maatschappijleer 2 

Leerlingen in theoretische leerweg kunnen kiezen uit vier profielen. Alle vmbo-tl-scholen bieden deze vier profielen aan: 

Beroepsprofiel vmbo tl 

Dit profiel richt zich op… 

Verplichte avo-vakken 

Economie 

detailhandel, administratie en handel 

economie en Frans of Duits of wiskunde 

Landbouw  

natuur, milieu en duurzaamheid 

wiskunde en natuur-/scheikunde (NASK) of biologie 

Techniek 

bouw, transport en logistiek 

wiskunde en natuur-/scheikunde (NASK) 

Zorg en Welzijn 

medische zorg en uiterlijke verzorging 

biologie en wiskunde of aardrijkskunde of geschiedenis of maatschappijleer 2 

Je vindt een handig overzicht van alle middelbare scholen in Nederland en het Caribisch deel van het Koninkrijk op http://www.scholenopdekaart.nl. Filter op jouw woonplaats en op ‘vmbo’ om de vmbo-scholen in jouw regio te zien.  

Geschreven door
Renée Assendelft

Renée Assendelft

Adviseur

Gepubliceerd op
Laatst bijgewerkt op

Gerelateerde artikelen
Welke onderwijsvisies bestaan er in Nederland?
Wat maakt dat scholen zoveel van elkaar kunnen verschillen? Waarom kiest de ene school voor meer traditioneel lesgeven en de andere voor veel individuele vrijheid? Het antwoord zit vaak in de onderwijsvisie: de manier waarop een school kijkt naar leren, opvoeding en de ontwikkeling van kinderen. In dit artikel geven we een overzicht van de belangrijkste onderwijsvisies en -concepten, zodat jij als (toekomstig) onderwijsprofessional kunt onderzoeken wat bij je past
Wat is het verschil tussen een tweedegraads en een eerstegraads bevoegdheid?
Met een tweedegraads bevoegdheid mag je lesgeven in het vmbo, de onderbouw van havo en vwo, het voortgezet speciaal onderwijs, het praktijkonderwijs, het mbo, het vavo en in sommige gevallen in het primair onderwijs. Met een eerstegraads lesbevoegdheid mag je naast deze sectoren ook lesgeven in de bovenbouw van de havo en het vwo.
Hoe kan ik als leraar overstappen van het basisonderwijs naar het voortgezet onderwijs?
Als je een pabodiploma hebt en les wilt geven in het voortgezet onderwijs, dan heb je een certificaat ‘Groepsleerkracht onderbouw vmbo basis/kader’, een tweedegraads, of een eerstegraads bevoegdheid nodig. Voor de tweedegraads lerarenopleiding ben je met een pabodiploma meestal direct toelaatbaar, maar dat geldt niet voor alle routes.

Liever een persoonlijk advies?

De adviseurs van het Onderwijsloket helpen je verder.

  • een onafhankelijk advies
  • persoonlijk en op maat
  • op een moment dat jou schikt