Wat is belangrijk in de Nederlandse onderwijscultuur?
De docent als begeleider van het leerproces
In veel Nederlandse scholen is de rol van de docent breder dan alleen uitleg geven. Natuurlijk is (vak)inhoud belangrijk, maar vaak ligt de nadruk ook op het begeleiden van leerlingen in hun leerproces.
Je hoort in het onderwijs vaak woorden als coachen, begeleiden of activeren. Daarmee wordt bedoeld dat leerlingen niet alleen luisteren, maar zelf actief aan de slag gaan. De docent helpt hen daarbij door vragen te stellen, structuur te bieden en het leerproces te ondersteunen.
In de klas betekent dit bijvoorbeeld dat je niet alleen uitleg geeft, maar ook werkt met opdrachten, groepswerk en zelfstandige verwerking. Deze werkwijze vraagt misschien ook een andere voorbereiding van de lessen dan je misschien gewend bent.
Actief leren en de rol van interactie
Een kenmerk van veel lessen in Nederland is dat leerlingen actief meedoen. Dit wordt ook wel activerend leren genoemd.
Leerlingen:
stellen vragen tijdens de les
werken samen in groepjes
geven hun mening over onderwerpen
zoeken zelf informatie op
mogen het met elkaar en de docent oneens zijn
Voor docenten betekent dit dat je inspeelt op wat er in de klas gebeurt. Je begeleidt het proces en bewaakt tegelijk de structuur.
Leren zichtbaar maken
Als docent is het belangrijk dat je weet wat leerlingen al begrijpen en waar ze nog hulp bij nodig hebben. Je kijkt ook hoe leerlingen leren en of ze genoeg vooruitgaan. Zo kun je jouw lessen aanpassen aan wat leerlingen nodig hebben.
Dit wordt ook wel formatief handelen genoemd. Je kijkt niet alleen naar de resultaten van toetsen, maar ook tijdens de les of leerlingen begrijpen wat ze leren.
In de praktijk betekent dit bijvoorbeeld dat je:
regelmatig vragen stelt of een korte toets geeft om te kijken wat leerlingen begrijpen;
leerlingen vertelt wat goed gaat en wat beter kan;
extra uitleg of oefeningen geeft als dat nodig is;
je les aanpast als je merkt dat leerlingen iets nog niet goed begrijpen.
Zelfstandig werken
Een ander veelgebruikt begrip is zelfstandig werken. Bij zelfstandig werken geef je leerlingen steeds meer ruimte om zelf te bepalen hoe ze leren.
Dit kan bijvoorbeeld betekenen dat je:
leerlingen een planning voor de week geeft;
leerlingen in hun eigen tempo laat werken;
leerlingen opdrachten laat overslaan als ze de stof al goed begrijpen en de opdrachten al kunnen maken.
Als docent kijk je hoe het gaat en help je leerlingen als dat nodig is.
Omgang in de klas: open en direct
De sfeer in Nederlandse klassen is meestal heel open. Leerlingen mogen vragen stellen en hun mening geven, ook als die mening afwijkt van wat de docent zegt.
Dit wordt soms ervaren als direct of uitdagend, maar in de meeste gevallen is het onderdeel van de leercultuur: leerlingen worden gestimuleerd om na te denken en kritisch te zijn. Als docent mag je wel van leerlingen vragen dat ze respectvol hun (andere) mening delen.
Van docenten wordt verwacht dat zij duidelijk blijven in hun grenzen en afspraken, maar tegelijk in gesprek blijven met leerlingen.
Differentiatie: omgaan met verschillen tussen leerlingen
In veel klassen zitten leerlingen met verschillende niveaus en behoeften. Dan is aandacht voor differentiatie nodig.
Dat betekent dat niet alle leerlingen precies hetzelfde doen of op hetzelfde niveau werken. Sommige leerlingen krijgen extra ondersteuning, anderen juist meer uitdaging. Het is belangrijk dat alle leerlingen zo goed mogelijk kunnen leren op hun manier.
In de praktijk betekent dit voor jou als docent:
dat je werkt met basisopdrachten en verdiepingsopdrachten
dat je soms extra uitleg geeft aan een kleine groep
dat je verschillende routes aanbiedt binnen dezelfde les
Omgaan met gedrag in de klas
Overal in het onderwijs, ook in Nederland, zijn regels en afspraken nodig in de klas. Docenten werken met duidelijke structuren en verwachtingen.
Je hoort in scholen vaak termen als:
klassenmanagement (hoe je de klas organiseert en stuurt)
pedagogisch klimaat (de sfeer en veiligheid in de klas)
escalatieladder (stappen bij vervelend terugkerend gedrag)
In de praktijk betekent dit dat gedrag meestal eerst rustig wordt gecorrigeerd en dat er pas later zwaardere stappen volgen als dat nodig is. Daarbij is samenwerking met collega’s en mentoren belangrijk.
Samenwerken in het schoolteam
Docenten werken in Nederland vaak in teamverband. Je staat meestal wel alleen voor de klas, maar maakt ook deel uit van een team.
Veelgebruikte begrippen zijn:
sectieoverleg (overleg met vakcollega’s)
teamoverleg (overleg met collega’s van dezelfde jaarlaag of dezelfde afdeling)
leerlingbespreking (bespreken van de voortgang van leerlingen)
Dit betekent dat je samen kijkt naar leerlingen, lessen en aanpak. Het onderwijs is daardoor sterk collegiaal georganiseerd.
Wat betekent dit voor jou als (toekomstig) docent?
Als je in een ander land als docent hebt gewerkt, moet je misschien wennen aan de manier van lesgeven in Nederland. Hier is vaak veel aandacht voor interactie en leren leerlingen om steeds zelfstandiger te werken en samen te werken. Dit kan mogelijk anders zijn dan je gewend bent.
Tegelijk brengt zo’n verandering ook ruimte met zich mee: je kunt je eigen stijl ontwikkelen binnen de kaders van de school. Veel docenten ervaren dat ze hier stap voor stap in groeien, vooral door te kijken in de praktijk en samen te werken met collega’s. Lees ook eens het ervaringsverhaal van Zehra, die eerst in Turkije docent was en nu in Nederland.
Zijn er trajecten die mij helpen om goed te starten in het Nederlandse onderwijs?
Wil je graag meer leren over de Nederlandse onderwijspraktijk, ervaring opdoen en in contact komen met andere docenten die nieuw zijn in Nederland? Voor statushouders, Oekraïense ontheemden en expats zijn er verschillende trajecten:
Hogeschool Rotterdam: Statushouders voor de Klas
Hogeschool Utrecht, onderwijsregio Midden Nederland Leert
Hogeschool van Amsterdam: Wereldburgers voor de Klas
Hogeschool Windesheim (Zwolle): De stap naar de klas voor statushouders
De organisatie Wereldburgers voor de Klas biedt in verschillende regio’s het traject Wereldburgers voor de Klas aan.
De genoemde hogescholen bieden ook lerarenopleidingen aan. Ze hebben veel kennis over het geven van goede lessen en het begeleiden van leerlingen. In deze trajecten is er vaak aandacht voor deze onderwerpen. Ook kun je soms praktijkervaring opdoen via een stage op een school. Daarbij werken de hogeschool en de school vaak samen om je te begeleiden. Soms kom je ook in contact met studenten van de lerarenopleiding.
SamenwerkingDit artikel is geschreven in samenwerking met Docentvluchteling voor de Klas.