Thijs Roovers over opnieuw beginnen voor de klas
De Lesboeren wordt gehost door Jasper Rijpma en Mattanja Koolsta en gemaakt in samenwerking met Stichting Leraren van het Jaar en Stichting Onderwijs in. Naast de podcast worden de docenten in de Lesboeren ondersteund met een krachtig, professioneel portret dat de beroepstrots van leraren uitstraalt, gemaakt door fotograaf Nike Liscaljet.
De eerste weken voor de klas waren intens. “Ik was mezelf even kwijt,” vertelt Thijs eerlijk. “Ik sliep slecht, had weinig rust en liep voortdurend achter de feiten aan.” De ervaring en kennis die hij meebracht, boden niet automatisch houvast. “Ik moest echt terug naar de basis. Klassenmanagement, routines, verwachtingen uitspreken. Dingen waarvan je denkt: die kan ik wel, maar toch vergde het weer wat oefening.”
Wat hem hielp, was erkennen dat hij het niet alleen hoefde te doen. Het gesprek aangaan met collega’s, reflecteren met zijn duo en accepteren dat herstarten betekent dat je zelf ook weer even leerling bent. “Dat vraagt bescheidenheid, maar het levert ook veel op.”
Voorbereiden is meer dan een lesplan
Voor Thijs zit voorbereiding niet alleen in wat je gaat doen, maar vooral in hoe. Wat verwacht je van leerlingen? Wat accepteer je wel en niet? En hoe reageer je als het anders loopt dan gepland? “Die duidelijkheid geeft rust,” zegt hij. “Voor jezelf én voor de klas.”
Die rust ontstaat ook doordat hij samenwerkt. Afspraken worden gedeeld, grenzen zijn voorspelbaar. “Als leerlingen weten waar ze aan toe zijn, ontstaat er ruimte om te leren.”
Burgerschap in het dagelijks leven
Burgerschapsonderwijs speelt in zijn klas geen hoofdrol als aparte les, maar is voortdurend aanwezig. In gesprekken, in conflicten op het schoolplein, in reacties op wat er in de wereld gebeurt. “De klas is een kleine samenleving,” zegt Thijs. “Wat daar gebeurt, is burgerschap.”
Volgens hem vraagt dat niet om kant-en-klare pakketten, maar om professioneel handelen en samenwerking. “Dit soort gesprekken voer je niet alleen. Je hebt je team nodig om richting te bepalen en elkaar te steunen.”
Grenzen stellen is ook vakmanschap
Juist omdat het onderwijs zo betrokken en betekenisvol is, ligt overbelasting op de loer. Thijs leerde al vroeg dat grenzen stellen geen zwakte is, maar onderdeel van het vak. “Je kunt niet alles dragen. Wat je wél moet doen, is de beste leraar zijn die je op dat moment kunt zijn.”
Dat betekent soms dingen laten liggen. Niet alles willen perfect doen. En accepteren dat goed onderwijs ook vraagt om zelfzorg. “Als jij er niet bent, kun je er ook niet zijn voor je leerlingen.”
De magie zit in kleine momenten
Wat hem het meest raakt, dzijn de kleine momenten. Een leerling die ontspant. Een kind dat vertrouwen durft te tonen. “Dat zijn geen grote successen op papier,” zegt Thijs, “maar ze dragen alles.” Het zijn de herinneringen aan die momenten waaraan hij merkte dat hij terugverlangde naar het klaslokaal.
Lesboer
Aan het einde van het gesprek komt de vraag voorbij of Thijs zichzelf een lesboer vindt. Het antwoord komt zonder veel twijfel: ja. Niet omdat hij het vak eenvoudig vindt, maar juist omdat het vraagt om aandacht, geduld en vakmanschap.
Een lesboer werkt op zijn eigen stukje grond. Hij zaait, verzorgt en wacht. Niet alles groeit meteen, en niet alles is maakbaar. Maar door er elke dag te zijn, door te kijken, te luisteren en bij te sturen, ontstaat er beweging.
Voor Thijs zit daarin de kern van het leraarschap. Niet in alles weten of alles kunnen, maar in blijven leren, samen met je leerlingen en je collega’s. En soms, als het lukt, even oogsten. In een klein moment van vertrouwen, rust of verbinding. Dat is waar het onderwijs voor hem betekenis krijgt.